Ja-kamp versus Nee-kamp. Loonkostensubsidie versus loondispensatie. Benadrukken van verschillen versus verbinden in overeenkomsten. Een gemiste kans die alleen verliezers kent.

Toen het besluit viel de loonkostensubsidie af te schaffen was ik een beetje blij. Niet omdat de keuze was gemaakt voor de beste regeling, maar omdat deze keuze de enige manier is om samen te werken aan de beste oplossing voor werknemers en werkgevers. Want als de keuze was gevallen op de loonkostensubsidie, wie had zich dan hard gemaakt voor de werkgevers?

Praktijktafels

Als we vorige week met een aantal werkgevers en grote gemeenten om tafel zitten om te kijken hoe we kunnen komen tot een goede regeling leggen een aantal werkgevers uit wat de bureaucratie, regeldruk en risico’s inhoudt. Men schrikt. “We wisten niet dat het jullie echt zoveel administratieve ballast geeft”. En dan hebben we het nog niet gehad over sturen op productiviteit, inzichtelijk maken wat iemand daadwerkelijk bijdraagt en welke kosten daar tegenover staan.

Hetzelfde doel

In de dialoog komen we er achter dat we eenzelfde doel hebben en wat we kunnen bereiken als we onze krachten bundelen. Ik wil een tegengeluid laten horen om te komen tot de dialoog over een goede werkbare oplossing voor alle partijen.

In plaats van te verbinden volgt er een stevigere stellingname in de discussie en lijkt het alleen nog te gaan verschillen in plaats van overeenkomsten, over JA en NEE en niet over de beste oplossing.

Derde weg

De keuze tussen loondispensatie en loonkostensubsidie is een keuze tussen 2 slechten. Maar er lijkt geen gesprek te zijn over een vernieuwende regeling die de problemen echt oplost. Of minimaal vereenvoudigd. De medewerker staat centraal, maar met de huidige regelgeving gaan we niet bereiken dat meer bedrijven aan de slag gaan met medewerkers met een arbeidsbeperking. Daarvoor is het té complex.